Landschapssporen

Zeegse

Zeegse, tussen twee essen en een zandverstuiving

Plek met een verhaal·Marke en boerenland

De landschapsbiografie van de Drentsche Aa dateert Zeegse als nederzetting in de vierde tot vijfde eeuw. Daarmee hoort het bij de oudste dorpen van dit gebied, in dezelfde reeks als Taarlo, ouder dan Schipborg met zijn zevende tot achtste eeuw, en van dezelfde orde als Deurze in de vijfde. Hier woonden toen al mensen. Het Romeinse Rijk bestond nog.

Op de Archeologische Monumentenkaart staat iets anders: "een jong esdorp", weergegeven op de topografische militaire kaart van 1853. Die twee spreken elkaar niet tegen. Ze meten iets anders. De registratie beschrijft de dorpsvórm zoals die op de negentiende-eeuwse kaart ligt, de biografie dateert de bewoningsplek. Een dorp kan als plek oud zijn en als esdorp jong, want de esdorpvorm ontstaat pas op het moment dat de zwervende erven zich vastzetten. Daarvóór schoof een nederzetting ongeveer honderd meter per eeuw op, en aan dat zwerven kwam hier rond het jaar 800 een eind.

De registratie zegt zelf dat er onder de kern mogelijk sporen van vroegere bewoning liggen. Bewijzen doet niemand het voorlopig, want onder een dorpskern wordt zonder aanleiding niet gegraven. Het beschermde terrein is ruim 5,5e hectare.

Wat Zeegse van zijn buren onderscheidt, is de ondergrond. Het dorp ligt tussen twee essen, de Noorderesch en de Zuideresch, op de rand van het beekdal, met aan de oostkant het stuifzandgebied van de Zeegser Duinen. Die drie horen bij elkaar. Het zand dat verstoof was heide die te intensief was gebruikt, en de es die van diezelfde heide zijn mest kreeg ligt er pal naast. De naam wijst niet naar het zand maar naar het water: Zeegse staat in 1225 op schrift als Segese, van sêge, een langgerekte moerassige laagte, oftewel het dal van het Zeegserloopje.

Bekijk deze plek op de kaart →

Op de achtergrond: de luchtfoto van deze plek (PDOK), met de topografische kaart van 1900 eroverheen (Kadaster).

Gegevens

Ligging
53.06816, 6.64827
Gebied
Zeegse
Zekerheid van de ligging
midden

In de buurt

  1. Paviljoen DuinoordIn 1925 opende paviljoen Duinoord in Zeegse, naast het oudere café Berg en Dal; Groningse scholen kwamen er per trein op schoolreis.190 m
  2. Zeegser DuinenTussen Zeegse en het beekdal ligt een zandverstuiving van zeshonderd bij zevenhonderd meter die er als natuur uitziet maar twee keer door mensen is gemaakt.600 m
  3. ≈ Goudschat van ZeegseBij Zeegse vonden twee detectorzoekers in 2014 zevenenveertig gouden solidi uit de zesde eeuw, naar gewicht de grootste van Nederland.610 m
  4. SiepelveentienHet Siepelveentien bij Zeegse is een overstoven offerveentje in een kom tussen de duinen, waar men door het zand heen kuilen groef om turf te winnen.660 m
  5. Von Dülmen KrumpelmannAan de Zeegsersteeg bouwde schilder Von Dülmen Krumpelmann in 1926 zijn huis; hij kwam in 1917 naar Zeegse en overleed er in 1987.660 m
  6. Grafheuvels ZeegserloopjeOp de dalrand van het Zeegserloopje liggen twee grafheuvels: de noordelijke zwaar vergraven, de zuidelijke bij het Witveen in 2000 hersteld.800 m
  7. Mooi ZeegseOp het terrein Mooi Zeegse bij Zeegse groef Van Giffen omstreeks 1920 een urnenveld op; er liggen ook bewoningssporen uit het midden-neolithicum.860 m
  8. Professor van AdderhorstDe Groningse hoogleraar A. van Veldhuizen kocht in 1916 bos, wei en heide bij Zeegse, noemde het Adderhorst en liet het bewust verwilderen.1,0 km
  9. VoordeDe voorde in het Schipborgsche Diep was de doorwaadbare plek waar de weg van Rolde naar Zuidlaren de beek kruiste.1,1 km
  10. De AdderhorstOp de dalrand van het Zeegserloopje liggen tien grafheuvels bij elkaar; onderzocht is er geen, maar juist de groep wijst op de ijzertijd.1,1 km

Hemelsbreed gemeten, van dichtbij naar ver. Verschuif de band naar rechts voor de volgende.